Archief

De Engelse ziekte is Hollandse gatenkaas

Waarom ik er niet goed tegen kan? Waarschijnlijk omdat communicatie mijn vak is. En de essentie van communicatie is nu eenmaal: elkaar begrijpen. Dus heb ik een hekel aan ten onrechte losgeschreven woorden die de communicatie nodeloos bemoeilijken of erg afleiden van de inhoud. Het laat ruimte voor interpretatie, waardoor de bedoeling van de één wel eens heel anders door de ander kan worden opgevat. Denk aan: 'Dit middel maakt je stress bestendiger'. Zo'n middel lijkt mij dan niet erg zinvol omdat het ervoor zorgt dat je langer stress hebt, terwijl de schrijver toch echt het tegendeel probeert over te brengen!  Gelukkig is er zoiets als 'context' en 'referentiekader', wat de bedoelingen van de auteur kan verduidelijken. Als er op Marktplaats 'twee dames fietsen' wordt aangeboden, zal het voor iedereen wel duidelijk zijn dat er 'twee damesfietsen' mee worden bedoeld. En als er bij een marathon allemaal 'lange afstandslopers' aan de start staan, zullen dat ongetwijfeld niet alleen maar grote mensen zijn!

Ach, je kunt er de lol van inzien en een vermakelijke website lanceren over onnodig spatiegebruik. Dat hebben de makers van www.spatiegebruik.nl gedaan. Op die site kun je onder meer testen wat voor 'spatietype' je bent en kun je storende of grappige spatiefouten melden. De makers van de website hebben uit een bonte verzameling inzendingen een komisch boekwerkje samengesteld met de veelzeggende titel: 'Weg om legging' (en nee: dit boek gaat niet over iemand die even weg moest om een legging te kopen). Het boek steekt de draak met teksten die overal in Nederland zijn gespot. Bij het lezen ervan kun je een glimlach niet onderdrukken. Want wie wil er 'drie jarige paarden' kopen?  En moeten de tekenaars of de modellen zich nu uitkleden bij een workshop 'naakt model tekenen'? En als een rijwielhandel de volgende aanbieding heeft, weet ik wel waar ik die band zou halen: 'Binnen band kopen, buiten band gratis”.

Waarom maken we het ons zo moeilijk? Wat is er eenvoudiger dan een zelfstandig naamwoord gewoon als één woord te schrijven? Dat woorden dan soms erg lang kunnen worden, nemen we dan maar op de koop toe. Ondanks het feit dat het allemaal wat langer is, lees je dan wél wat het is. Een woord als 'marketingcommunicatiebeleidsplan' is makkelijker te begrijpen dan het onsamenhangende 'marketing communicatie beleidsplan'. En is het voor de leesbaarheid beter om het woord in stukken te hakken, dan heeft de Nederlandse taal daar een uitstekend middel voor in de vorm van het verbindingsstreepje. Een 'assistent-accountant' is toch nog altijd duidelijker dan een 'assistent accountant', lijkt me.

In Nederland hebben we steeds meer de neiging om zelfstandige naamwoorden in stukken te hakken. Die trend heeft ongetwijfeld te maken met de 'verengelsing' van onze taal. In het Engels is het juist ongebruikelijk om woorden aan elkaar te plakken. En omdat we veel woorden overnemen uit het Engels is het er hier ook in geslopen. Dat levert dubieuze keuzes voor ons op. Want moet je 'account manager' nu los schrijven op z'n Engels, of op zijn Nederlands als 'accountmanager'?

Zure taalpuristen genoeg, die zich mateloos opwinden over de teloorgang van de Nederlandse taal en de opkomst van de 'Engelse ziekte', die je ook best 'Hollandse gatenkaas' zou kunnen noemen. Zo ben ik niet; iemand die kost wat kost wil vasthouden aan alle regeltjes die er in de Nederlandse taal zijn vastgesteld. Iemand die veranderingen in de taal per definitie tegenhoudt, omdat het 'nu eenmaal niet zo hoort'. Dat is geen criterium, vind ik. De functie van taal is om informatie over te brengen; daar gaat het in essentie om. Daar heb je nu eenmaal spellings- en grammaticaregels voor nodig. Alleen dan verloopt de informatieoverdracht eenduidig en kun je interpretatieproblemen voorkomen. Dat alleen is al een argument om te pleiten voor juist spatiegebruik.

Daarnaast vind ik het los schrijven van samengestelde woorden slordig en onprofessioneel. Voor een boer die een bord op het erf zet om 'zomer fruit' te verkopen, is dat eerlijk gezegd nog niet zo erg. Maar voor communicatieprofessionals, die dagelijks met taal aan de gang zijn, mag je de lat veel hoger leggen. Opvallend genoeg zie je juist in onze branche veel fouten op dit vlak. Misschien wel omdat er in de marketing- en communicatiewereld veel Engelse termen gebruikt worden. Toch blijf ik het een vreemde ontwikkeling vinden. Juist in een tijd waarin je zou verwachten dat alles juist steeds meer aan elkaar geschreven gaat worden door die lange webadressen van tegenwoordig. We lezen net zo makkelijk 'bereikbaarheidineigenstad.nl' als 'bereikbaarheid in eigen stad'. Dus waarom die neiging om alles uit elkaar te trekken? Ik begrijp dat niet als bepleiter van juist spatiegebruik. Of moet ik zeggen: als juistspatiegebruikbepleiter?

Joop Maas – Senior communicatie adviseur (o, sorry: communicatieadviseur) en vestigingsmanager BOOM Goes