Archief

Zet je telefoon uit!

Demissionair minister Camiel Eurlings (Verkeer) begint half september een campagne om bestuurders erop te wijzen dat het gebruik van mobiele telefoons, navigatiesystemen en tv-schermen in de auto het risico op een ongeluk vergroten. Grote vraag daarbij is natuurlijk: gaat de campagne ervoor zorgen dat bestuurders de diverse gadgets ook daadwerkelijk links laten liggen of gaat het gebruik van de technologische hebbedingetjes in volle vaart door?

De echt lastigste en complexe communicatievraagstukken gaan over gedrag. Dat weet iedere communicatiedeskundige wel. De overheid wil bijvoorbeeld dat burgers veilig aan het verkeer deelnemen, inclusief de notoire hardrijders en zeer fervente Twitteraars. Werkgevers verlangen dat medewerkers zich gedragen als representatieve ambassadeurs, ook de zuurste sceptici en grootste horken. En een onderneming zoals bijvoorbeeld Philips belieft dat consumenten uitsluitend en vooral frequent Philips-producten kopen, zelfs als de consument geen noodzakelijke behoefte heeft aan de Philips-producten.

Je zet een bord neer, plakt er een tekst op en je bereikt je gewenste effect. Zo werkt dat toch? Zo behaal je toch je gewenste resultaat? Aanhangers van de grote injectienaaldtheorie, bewonderaars van het jongere gedachtegoed van David Ogilvy en beoefenaars van totalitaire dictatuur denken er zo hoogstwaarschijnlijk over. Ik leef in een ander tijdperk.

Mensen zijn geen robots. Het is niet zo dat na een simpel commando de gewenste handeling ten uitvoer wordt gebracht. Gelukkig maar. Als mens hebben we persoonlijke overtuigingen en een eigen identiteit. We hebben unieke drijfveren en hechten aan persoonlijke waarden en normen. Deze aspecten reguleren in sterke mate bewust en onbewust ons gedrag. Dat gedrag veranderen we niet zomaar!

Asociaal
We scheiden ons afval. De lege wijnflessen werpen we in de glasbak en ook papier en GFT sorteren we netjes. Maar hebben we daar altijd zo over gedacht? De overheid kon op flink wat pessimisme rekenen toen men startte met de promotie van gescheiden afvalinzameling. Inmiddels vinden we het de normaalste zaak van de wereld. Sterker nog: het is vandaag ongewoon, asociaal en onaanvaardbaar om afval ongescheiden in te leveren! Zo denkt de meerderheid. Die verandering is niet zonder slag of stoot tot stand gekomen.

Interventies in ons gedrag vinden doorgaans plaats als er fricties ontstaan tussen de eigen opvattingen en de opvattingen van anderen. In die zin kan een boodschap op een billboard aanleiding zijn voor het begin van een evaluatie- en veranderproces. Tips van anderen, het wijzen op feiten, het positief bekrachtigen van gewenst gedrag en het geven van feedback zetten ons aan het denken. Op basis van beschikbare informatie, meningen van anderen en eigen ervaringen komen we tot bewuste gedragsintenties.

Een billboard is geen toverstok
Bij overheidscampagnes spreekt men vaak van bewustwordingscampagnes in plaats van gedragscommunicatie. Dat is een overwogen keuze waarmee de communicatie-inspanningen ook in het juiste perspectief worden geplaatst. Massamediale communicatie werkt, maar is geen wondermiddel. Een billboard is geen toverstok, een pakkende slogan geen toverspreuk. Gedrag is niet zomaar te sturen. Gedragsverandering is een kwestie van lange termijn en start met bewustwording.

Eurlings heeft voor de daadwerkelijke start van de campagne in ieder geval bereikt dat het onderwerp ‘veilig rijden' vanuit een nieuwe invalshoek weer leeft binnen het maatschappelijk debat. Resultaat: weggebruikers gaan nadenken over het gebruik van elektronische middelen en hun rijgedrag.

Ik heb me inmiddels tijdens een lange dienstreis bewust volledig onthouden van diverse gadgets. Ik moet bekennen: mijn gedachten bleven ondanks mijn voornemen toch niet voor de volle honderd procent bij het autorijden. Tijdens de reis hoorde ik op BNR Nieuwsradio een beleidsmedewerker in een radio-interview zeggen dat de campagne moet bijdragen aan een blijvende concentratie van de bestuurder bij het autorijden. De uitspraak zette mijn brein in werking met als oogst: ideevorming voor deze column. Dat is vast een onwenselijk neveneffect volgens het ministerie. De behoefte om een Tweet te plaatsen heb ik weten te onderdrukken. Twitteren doe ik al lang niet (meer) achter het stuur: het kan je dood worden. Nee, ik heb ook geen telefoon gepakt om aantekeningen te maken. Deze column is geschreven vanachter mijn bureau. Rijden en schrijven moet je gescheiden houden.

David Westveer – Communicatieadviseur BOOM