Veranderen vanuit eigen kracht

Om bij te blijven, moeten scholen blijven vernieuwen. Het is niet de vraag óf je in beweging blijft, maar hóe je dat doet en in welk tempo. Alles bij het oude laten is geen optie, omdat het onderwijs dan na verloop van tijd niet meer aansluit bij wat de tijdsgeest vraagt en de jeugdige doelgroep zich niet meer tot de school aangetrokken voelt. Dat kan de toestroom van nieuwe leerlingen en daarmee het voortbestaan van de school in gevaar brengen.
Aan de andere kant: voortdurend blijven veranderen kan ertoe leiden dat medewerkers de vaste grond onder hun voeten missen. Met alle weerstanden van dien. Hoe blijft een school – of een ander soort organisatie – volop in beweging zonder dat medewerkers afhaken?
Organisatiecultuur als barrière
In veranderprocessen blijkt dat de organisatiecultuur in veel gevallen een belangrijke barrière is. ‘Ingesleten gewoonten en heersende normen in de organisatie belemmeren vernieuwing’, geeft professor Jaap Boonstra aan in zijn visie op ‘Succesvol veranderen van organisaties’. Hij is één van de vele veranderkundigen die tot deze conclusie komt. Cultuurwaarden geven stabiliteit aan een organisatie en aan hun medewerkers. ‘Het is de kunst om tijdens het veranderen de positieve cultuurelementen te benoemen en belemmerende gedragspatronen bespreekbaar te maken’, stelt Boonstra.
Baseer de verandering op de eigen identiteit
Bij BOOM gaan we graag nog een stap verder. De meest succesvolle veranderingen hebben niet alleen aandacht voor de cultuur tijdens het veranderproces, maar laten de verandering vóórtkomen uit die organisatiecultuur. Met andere woorden: neem waardevolle identiteitskenmerken als vertrekpunt en bouw daar de vernieuwing op. Omdat medewerkers dan vanuit intrinsieke en authentieke waarden handelen, liggen de veranderpunten binnen bereik en hoeven ze geen ‘kunstjes te doen’ die tegen hun natuur indruisen. Dat betekent nog steeds dat ze regelmatig uit hun ‘comfort zone’ zullen moeten komen om te vernieuwen, maar altijd wel op een manier die aansluit op de eigen identiteit en dus uitgaat van eigen kracht.
Deze aanpak zorgt er bovendien voor dat een school niet zomaar met alle winden meewaait en daardoor een onduidelijke koers vaart. Nee, vernieuwingen kunnen omarmd worden op een bij de school passende manier.
Neem waardevolle identiteitskenmerken als vertrekpunt en bouw daar de vernieuwing op.
Benut de eigen kracht
Om dit voor elkaar te krijgen, moet de identiteit duidelijk op ieders netvlies staan. Wat kenmerkt ons? Welke kwaliteiten hebben ons gebracht tot waar we nu staan? Waar krijgen we energie van? Wat is onze kracht? Met het duiden van de identiteit wordt iedereen zich bewust van de gemeenschappelijke drijfveren. En van de valkuilen die daar de keerzijde van zijn. Zo wordt het (soms pijnlijk) duidelijk waarop de school zich nog moet ontwikkelen. Daarbij moet de blik vooral naar buiten gericht zijn: wat speelt er bij doelgroepen en – in een groter verband – in de maatschappij? Hoe kunnen wij daar op onze eigen manier op inspelen, gebruikmakend van onze al aanwezige kwaliteiten en authentieke kracht? Signaleer daarbij ook welke cultuurkenmerken hier remmend op werken. Want dan wordt voor iedereen pas goed duidelijk welk gedrag contraproductief en dus ongewenst is. Er ontstaat een cultuur van elkaar motiveren om doelen te bereiken en van elkaar aanspreken op gedrag dat daar niet aan bijdraagt.


Scholen zetten stappen
Met een op deze zienswijze gebaseerde aanpak helpen we scholen in het voortgezet onderwijs bij het gefundeerd zetten van toekomstgerichte stappen. Die uiteindelijk ook hun effect hebben op waar het scholen om draait: goed en eigentijds onderwijs leveren, met aantrekkingskracht voor (meer dan) voldoende leerlingen. Onlangs hebben we dat gedaan voor onder meer:
- Jan Tinbergen College in Roosendaal;
- Pieter Groen in Katwijk;
- Vituscollege in Bussum;
- Zwijsen College in Veghel;
- Oosterlicht College in Nieuwegein;
- Assink Lyceum in Haaksbergen;
- Stedelijk Gymnasium Nijmegen;
- Helinium in Hellevoetsluis;
- Willem van Oranje in Oud-Beijerland;
- Jan van Egmond Lyceum in Purmerend;
- Spieringshoek in Schiedam.
Ook voor andere organisaties
Niet alleen voor scholen geldt dat ze in ontwikkeling kunnen blijven door goed naar hun veranderende omgeving te kijken, dicht bij zichzelf te blijven en vanuit die waardevolle basis steeds weer een volgend stapje te zetten door belemmerend gedrag te doorbreken. Zo wordt elke organisatie een steeds beter op haar doelgroepen en op haar omgeving afstemde versie van zichzelf. Een zich voortdurend ontwikkelende organisatie die haar positieve cultuurelementen benut en steeds actief aan de slag is met haar belemmerende gedragspatronen. Het zal Jaap Boonstra als muziek in de oren klinken…









